YOU BELONG 2: ‘ALS IK VERTEL DAT IK DEMI SEKSUEEL BEN, IS DAT VOOR VELEN EEN AFKNAPPER’

Geen categorie, YB2

27.01.2020 | 16:45 UUR | Matthew Tangkilissan

In 2020 is deel uitmaken van de LGBTQ+ gemeenschap meer geaccepteerd dan ooit, maar wordt nog niet altijd bevat. De 17-jarige Thom vertelt ons over zijn ervaringen met demiseksualiteit.

Word je anders behandeld vanwege je geaardheid?

“Soms niet, maar bijna altijd wel. Ik moet altijd uitleggen wat demiseksualiteit is en waarom iemand eigenlijk zo kan zijn. Demiseksualiteit houdt in dat ik niet per se let op iemands uiterlijk, maar juist op het karakter. Ik ben aangetrokken tot iemand afhankelijk van hoe goed onze connectie is. Geslacht maakt ook niet uit maar val over het algemeen wel sneller op mannen. Meestal wordt dat nog begrepen. Het onbegrip begint als ik zeg dat het ook geldt voor seksuele relaties. Dan beginnen de vragen. Waarom? Seks is toch fijn? Dat is nou eenmaal hoe jongens zich horen te gedragen. Zij houden allemaal van seks. Dat wordt al tijden geschreven. Het heeft in het verleden soms voor problemen gezorgd. Dan ontmoette ik een jongen die ik eigenlijk wel leuk vond, maar wilde hij al veel te snel andere dingen doen. Dingen waar ik nog niet klaar voor was. En soms gingen ze echt te ver. Ik had daarom ook lang problemen met relaties houden. Als ik vertel dat ik demi seksueel ben, is dat voor velen een afknapper. Ik ben hier een tijdje depressief over geweest. Ben ik dan echt zo raar omdat ik iemand eerst goed wil leren kennen?”

Wat wil je veranderen?

“Ik wil meer van mezelf laten zien en horen. Ik heb afgelopen jaren geleerd dat er niks mis met mij is. Ik heb hobby’s, vrienden en familie en ik ben blij met wie ik ben. Dat ik nu af en toe wat make-up opdoe of dat ik nu eenmaal beter om kan gaan met meisjes, betekent het niet meteen dat ik geen jongen ben. Ik ben alleen een beetje anders. Dat is oké. Seks is ook niet alles. Ik zou graag willen dat er vaker geschreven wordt over mensen zoals ik. Ik ken meerdere jongens (gay en straight) die eigenlijk niet meteen seks willen. Ze voelen zich vaak onder druk gezet maar durven dat niet tegen hun partner te zeggen. Dat moet meer besproken en geaccepteerd worden.”

YOU BELONG 2: ‘MENSEN FLUISTEREN OVER MIJ’

Geen categorie, YB2

21.01.2020 | 19:23 UUR | Amber Hettinga

Julia (20) heeft reuma. Ze kan niet leven zoals haar leeftijdsgenoten en wordt door haar onzichtbare ziekte niet begrepen in het dagelijks leven. Toch maakt Julia er het beste van.

Voel je je begrepen?

“Nee meestal niet, de meeste zeggen altijd ‘je bent nog jong’, ‘het gaat wel weer over’ of zelfs ‘stel je niet zo aan’. De laatste vind ik wel het ergst, want ik doe zo mijn best om goed mee te draaien in deze maatschappij. Maar soms kan ik niet eens uit bed komen en kan ik alleen maar huilen. Als het te druk is in de bus of trein moet ik altijd iemand vragen om voor mij op te staan. Dat vind ik dan ook erg vervelend. Ik heb dan altijd het gevoel dat al die reizigers over mij fluisteren en mij raar aankijken. Als ik een goede dag heb, vraag ik het liever niet. Later die middag heb ik daar altijd spijt van omdat ik ontzettend veel pijn heb. Soms door een rare blik begin ik mijzelf gelijk te verantwoorden waarom ik moet zitten. De ziekte reuma brengt, voor mij, een grote last met zich mee.”

Wat zijn je doelen?

“Ik hoop ooit te kunnen bereiken dat reuma een meer besproken ziekte wordt en dat je er niet per se oud voor hoeft te zijn. Dit doe ik door middel van quotes op Instagram te plaatsen en erover te praten met leeftijdsgenoten. Op persoonlijk gebied ben ik bezig met een eigen bedrijf samen met mijn neef. Ik hoop dat dit een succes wordt zodat ik vaker op eigen tijden kan werken en niet verplicht ben om 9.00 uur ergens te zijn. Op die manier kan ik gewoon evenveel werken als een ander maar op mijn eigen voorwaarden. Ik ben een energiek persoon en zit daarom ook op hockey. Trainen met de meiden vind ik het allerleukst maar helaas kan ik niet altijd mee doen. Mijn doel is toch wel om altijd aanwezig te zijn, al is het om ze aan te moedigen.”

YOU BELONG 2: ‘IEDEREEN GING ER DIRECT VANUIT DAT IK KANKER HAD’

Geen categorie, YB2

23.01.2020 | 20:25 UUR | IRIS KISJES

Veronique is 27 jaar en heeft geen enkele haar meer op haar hoofd. Ze heeft de ziekte Alopecia. Op haar 25ste is ze binnen twee weken tijd al haar haar verloren.

Auteur: Iris Kisjes

Kennen mensen de ziekte Alopecia?

“De meerderheid van de mensen hebben er nooit van gehoord. Toen ik kaal begon te raken heb ik zoveel vragen gehad over mijn ziekte. Iedereen ging er direct vanuit dat ik kanker had. Als ik mensen dan vertelde wat Alopecia was kreeg ik regelmatig te horen “oh, dan ken ik ook iemand die Alopecia heeft”. Ook in het openbaarvervoer kijken veel mensen toch nog een tweede keer naar je. Ik heb zelfs een keer gehad dat iemand naar mij toe kwam en zei: “Jij hebt kanker hé?” Daar trek ik mij nu steeds minder van aan. Ik heb wel echt de “schijt-factor” ontwikkeld.”

Merk je dat mensen daardoor anders met je omgaan?

Helaas wel. Met een paar vriendinnen heb ik geen contact meer omdat ze het lastig vonden om er mee om te gaan. Maar ook met daten blijft het altijd een puntje. Ik ga wel zonder pruik de kroeg in dus ik hoef ze niet te vertellen wat er aan de hand is, want dat zien ze zelf ook wel. Maar het is wel lastig hoe mensen er op reageren en dat het direct lijkt alsof ik geen sexappeal meer heb. Ik krijg namelijk ook wel is de reactie: “Nee sorry, maar ik kan niet daten met iemand die kaal is.”

Heeft Alopecia jou als mens ook veel veranderd?

“Ja. Soms lijkt het wel alsof dit had moeten gebeuren zodat ik nu weet wat ik met mijn toekomst wil. Ik was hier voor ook veel onzekerder dan dat ik nu ben. Ik deel nu veel op Instagram over mijn ziekte en mijn berichten inbox ontploft na het posten van een foto. Ik krijg zoveel vragen van meiden én jongens over mijn ziekte, waar ik pruiken koop, hoe ik mijn wenkbrauwen en wimpers nu doe, echt van alles. Ik vind het super dat ik nu mensen kan helpen en meer mensen kan vertellen over Alopecia.”

YOU BELONG 2: ‘IK BLIJF ALTIJD EEN BUITENSTAANDER’

Geen categorie, YB2

26.01.2020 | 17:20 UUR | Perisa brinkman

Bas (53) werd twee maanden te vroeg geboren. De navelstreng om zijn nek betekende een zuurstoftekort, waardoor zijn hersenen beschadigd raakten. Na de geboorte bleek hij spastisch, waardoor Bas moeilijk loopt.

Auteur: Perisa Brinkman

Hoe was het vroeger?

“Wij speelden op de lagere school vaak slagbal maar ik kon de bal niet eens slaan. Bij mij werd de bal aangegooid en dan miste ik hem altijd of werd hij meteen gevangen. Op zulke momenten moest ik altijd keihard lachen en dan kon ik niet meer rennen van het lachen, waardoor iedereen weer om mij lachte. Wat ik wel echt vervelend vond, was teams maken tijdens gym. Ik werd altijd als laatste gekozen. ‘Aan Bas hebben wij niks’. Dat deed natuurlijk wel erg zeer omdat je dan met je handicap geconfronteerd wordt. Maar als ik dan aan het spel meedeed, was het altijd lachen. Daarnaast was ik op jonge leeftijd wel al erg goed in schaken. Dan werd ik wel altijd als eerste gekozen. Ik lag er dan misschien met het fysieke deel vaak buiten maar er waren ook dingen waar ik wel goed aan mee kon doen.”

Voel je je anders?

“Ik blijf altijd actief. Daar geven mensen uit mijn omgeving positieve reacties op. Dat is voor ieder mens belangrijk. Vooral voor ‘buitenstaanders’, wat ik gewoon altijd blijf, voor mijn gevoel. Ik ben toch anders dan anderen. Ik ben alleen al 53 jaar lang zo dus daar groei je in en daar leer je mee leven. Ik vind het eigenlijk ook wel leuk want je valt enorm op. Vroeger was ik vooral een opvallend persoon en kende iedereen mij. Ik word eigenlijk nooit meer raar aangekeken. Er zijn wel eens kinderen die er iets van zeggen. Een kind riep een keer naar zijn moeder ‘wat loop die meneer raar’. Dat was de eerste keer dat ik meneer werd genoemd en dat vond ik juist wel grappig. Ik dacht ‘zie je wel, ik ben ook gewoon een meneer en ik word ook gewoon oud’.”

YOU BELONG 2: ‘WIJ MOESTEN ONZE ZAKKEN LEGEN’

Geen categorie, YB2

31.01.2020 | 17:30 UUR | Jomelle Roege

Romelly (52) woont sinds 1993 in Nederland en is zuster. Ze is leergierig en heeft veel ervaring binnen de zorg. Toch heeft ze het vanwege haar afkomst niet altijd even makkelijk gehad.

Auteur: Jomelle Roege

Hoe waren jouw eerste jaren in de zorg?

 “Ik kom uit de Filipijnen en was daar docent Engels. Toen ik naar Nederland verhuisde en ik de optie kreeg om een opleiding te volgen binnen de zorg, greep ik meteen deze kans. Ik was vrij oud voor iemand die stage liep en kreeg meteen de opmerking of ik een achterstand had met leren. Toen ik in de thuiszorg werkte, moesten mijn collega en ik onze broekzakken legen omdat ze bang waren dat we iets mee zouden nemen. Toch zette ik door en bleef ik doen waarvoor ik was gekomen, namelijk verzorgen. Er was een patiënt die niet gewassen wilde worden door mij vanwege mijn huidskleur. Ik werd ‘bruintje’ genoemd. ‘Bruintje, roep je collega’.

Destijds vond ik het moeilijk, maar je raakt eraan gewend. Je kunt mensen niet beschuldigen als zij er niet 100% bewust van zijn. Toch wringt zoiets aan je en merk je dat je met tegenzin naar je werk gaat. Zodra ik begon met een nieuwe cursus, hoorde ik mijn collega’s weer zeggen: “Hoe is het mogelijk?”

Wat kan eraan gedaan worden?

“Nederland is een multicultureel land en daar horen verschillende afkomsten, huidskleuren en religies bij. Helaas wordt daar anno 2020 nog steeds te weinig over gepraat. Nu woon ik bijna 27 jaar in Nederland en ben ik voor mijn gevoel zodanig verwestert dat ik Nederland beschouw als mijn land. Na een tijd zet je alle negatieve energie om in positieve en wen je aan de reacties. Toch heeft het littekens achtergelaten en ben ik voorbereid op het ergste. De zorg heeft een groot personeelstekort en daar moet de focus op gelegd worden. Er zijn genoeg mensen die in de zorg willen werken, maar te bang zijn om afgewezen te worden vanwege hun afkomst. Het is daarom belangrijk dat organisaties binnen Nederland zich openstellen en gaan luisteren naar onze verhalen, want iedereen verdient een plekje binnen de maatschappij.”